Exclusive interview | Activist Mercedes Zandwijken

Exclusive interview | Activist Mercedes Zandwijken

Screen Shot 2016-08-07 at 17.39.49

🎥   NTR ‘Podium on Tour’
🇬🇧   Read the interview in ENGLISH here.

In een knus huis in Amsterdam Oost tref ik de energieke Mercedes aan. Mijn te vroeg getimede binnenkomst resulteerde erin dat ik nog even door haar boekenkast mocht wurmen. ‘Jij leest nu Fanon, toch? Ik wil graag Dubois lezen. Nog zoveel te lezen…Wat wil je drinken bij de lunch?’ Mercedes Zandwijken (1957) is een Amsterdamse geboren in de Pijp. Haar ouders komen uit Suriname, waar Nederland voor 400 jaar slavernij en kolonialisme verantwoordelijk is geweest. Heel lang heeft ze gedacht dat haar geschiedenis pas begon in de Pijp, omdat ze de geschiedenis van voor haar geboorte nooit mee heeft gekregen. De slavernij is in 1863 afgeschaft, dus de oma van Mercedes’ moeder zou hoe dan ook verhalen moeten hebben, vermoedt Mercedes. ‘Maar die verhalen zijn nooit verteld, want net als bij veel andere Surinaamse gezinnen, evenals binnen de Joodse gemeenschap geldt dat er over zo’n pijnlijk verleden niet gesproken wordt.’

‘Mijn ouders hebben heel snel geprobeerd te integreren – beiden twee banen overdag en ’s avonds en dat combineren met acht kinderen. Ik merkte wel op school, op de basisschool, dat er iets niet klopte. Wat er niet klopte kon ik toen nog niet mijn vinger op leggen: ik werd structureel buitengesloten, nooit uitgenodigd op verjaardagsfeestjes, de meester hield overal kleine administraties van bij – wie heeft het bord schoongemaakt? Wie heeft de koffie opgehaald? En ik merkte dat ik evenredig veel minder aan de beurt kwam dan klasgenootjes en ik werd naarmate dat ik ouder werd ook meer recalcitrant en kreeg ik de indruk van de meester, en ook van mijn moeder, dat ik brutaal was. Maar als ik met de wijsheid van nu terug kijk op die periode en met andere activiste praat over onze lagere schoolperiode, blijkt dat we allemaal buitengesloten zijn geweest. Gediscrimineerd zijn geweest. Dat er gewoon sprake was racisme. Dat heeft mijn identiteit heel erg bepaald: ik ben heel strijdbaar geworden en ik ben ook boos.’

Op wie ben je boos?
‘Ik ben boos op het moment dat ik onrecht zie. Ik kom altijd op voor de underdog. Ik ga altijd bij de kwetsbare zitten op een feestje. Het zit in mijn systeem, de gevoeligheid voor uitsluiting. En het is ook als een rode draad door mijn loopbaan heen terug te zien. Ik ben bijvoorbeeld vrij jong actief geweest bij de Antiapartheidsbeweging hier in Amsterdam, als enige zwarte, in een witte organisatie. Dat was ook best een bizarre toestand. Er werd ook nooit aan mij gevraagd hoe is het voor jou? Racisme bestond in hun ogen alleen in Zuid-Afrika. Daar zat de duivel en dat moest bestreden worden er is nooit gevraagd hoe het nu voor mij was om zwart te zijn in Amsterdam. Ik voelde me er ook niet daar op mijn gemak. Ik werd vaak betutteld en als ik iets voorstelde werd ik niet serieus genomen. Ik zag laatst bij de boekenwinkel een fotoboek van 20 jaar antiapartheidsstrijd in Nederland. Ik zag allerlei mensen staan die ik kende, maar ik stond zelf op geen enkele foto. Ik was dus letterlijk en figuurlijk onzichtbaar. Ik had gewoon een sluier. En dat zegt een vriendin van mij, Patricia Kaersenhout zij is Surinaamse activiste en beeldend kunstenaar, zij werkt in haar kunst met het thema onzichtbaarheid met als boodschap ‘ik zie jullie, maar jullie zien mij niet’.’

En nu we het hebben over ras: wat betekent dat voor jou?
In eerste instantie heb ik het nog niet gebruikt, want dat mag hier niet [maakt een sarcastisch gebaar].

Waarom mag het hier niet?
‘We zijn allemaal gelijk. Als je het benoemd ben je zelf racistisch. Het is een construct ooit gemaakt om de vernederende wijze waarop zwarte mensen behandeld werden te legitimeren. Het roept bij mij nog altijd gevoelens op dat het een ‘taboe’ onderwerp is. Terwijl ik dat niet vindt. Maar als je het doet, dan kom je in een soort mijnenveld terecht. Maar zolang er ongelijkheid is in de statistieken op alle gebieden zoals onderwijs, werkgelegenheid, huisvesting, bestuurders, eindresultaten van scholen et cetera, is ras gewoon een alles bepalende factor voor jouw slagingskans in deze samenleving. Daarom moet ras worden benoemd.’

Waarom denk je dat er nu veel geluiden zijn in Nederland over ras?
‘Nou, omdat de niet-witte mensen niet langer accepteren dat wit de norm is. Dat wit bepaald hoe deze wereld moet worden aanschouwt en moet worden beleefd. Hoe je deelneemt aan deze samenleving. Heel lang hebben we allemaal meegedaan en geleefd en geademd – ons hele zijn hier hebben we aangepast aan die witte norm. Maar nu is het klaar.’

Waarom nu?
‘Waarom nu…Het is nu klaar voor ons omdat ik denk dat de jongere generatie het niet meer pikt om als een tweederangsburger te worden weg gezet. De generatie van mijn ouders en ikzelf hebben ons heel lang niet uitgesproken omdat we geen zin hadden in de reacties van wit die je dan weer terugkrijgt. Bijvoorbeeld: ‘stel je niet als een slachtoffer op’, ‘is het nou echt zo erg?’ of ‘je moet niet achteruitkijken je moet vooruitkijken’. Je werd eigenlijk in een soort dwangbuis gestopt als je je mond opendeed om je terug te brengen in hun narratief en de manier waarop zij de samenleving ervaren. Verschillende generaties hebben dit geaccepteerd en zich ernaar aangepast. Totdat de Zwarte Pieten discussie losbarstte. Ik denk dat dat een kantel punt is geweest. Wij kwamen namelijk aan het meest dierbare culturele feest van de Nederlanders. Omdat dat voor de zwarte gemeenschap het meest duidelijke aanwijzing en symbool van het racistische karakter van de Nederlandse cultuur was. Er is een clash gekomen. Maar ook het meer massaal doorbreken van de stilte, want het is niet zo dat we er 60 jaar lang niets over gezegd hebben. Mijn tante is 70 en heeft al een keer met stoomboot een zwarte Sinterklaas binnen laten komen bij het Centraal Station in de jaren 60.’

Wat was de reactie toen?
‘Doodgezwegen. De groep was te klein en ook niet sterk en niet empowered genoeg. Maar het werd geadresseerd. Gerda Haventong van Sesamstraat, ook zij heeft op Sesamstraat gezegd ‘Pino, ik wil zwarte piet niet meer, want het doet mij pijn.’ Maar ook dat is toen weggeëbd. De huidige generatie gaat de straat op, keer op keer en opnieuw en dit jaar weer en nu al vier jaar lang. Het kantel punt was ook dat Quinsy Gario en Jeffrey Knowledge werden gearresteerd omdat zij bij een Sinterklaas intocht waren met een T-shirt aan waarop stond ‘Zwarte Piet is racistisch’. We hebben beelden gezien van hoe zij ingerekend zijn, die vergelijkbaar zijn met Amerika zal ik maar zeggen – gelukkig niet met die verschrikkelijke en dodelijke gevolgen…’

‘Mijn missie werd om witte mensen naar de herdenking te laten komen. Dat is een eerste stap in de verwerking.’ 

         ‘Maar om terug te komen op waarom de geluiden meer klinken dan voorheen: ik denk omdat onze huidige generatie het niet meer pikt. Geen banen, je achternaam speelt mee, met een vwo-score toch naar een lager niveau gestuurd worden et cetera. Weet je, het is te veel. Plus, het is steeds duidelijker aan het worden dat er geen sprake is van gelijkwaardige participatie. Terwijl dat wel volop wordt geroepen, namelijk dat hier iedereen dezelfde rechten heeft. Maar ook wat er daarna gebeurd is, is het enorme racisme op de social media. Racisme is er altijd al geweest, maar het is nu veel zichtbaarder geworden. Een miljoen likes op een dag voor een pro Zwarte Pieten Facebookpagina, met allerlei racistische uitingen erop.’ 

Wat doet dat met jou?
‘Vier jaar geleden was ik erg geëmotioneerd erdoor, maar nu ben ik erg strijdbaar geworden. Ik ben ongeveer vijf jaar geleden begonnen met het ontwikkelen van een traditie om stil te staan bij de herdenking en de afschaffing van het slavernij verleden. Ook omdat ik zag dat er bij de herdenking alleen maar Surinaamse mensen waren en geen witte mensen. Ik dacht: wacht even, dit is een herdenking van slavernij verleden die witte mensen hebben veroorzaakt en daar zijn geen witte mensen. Mijn missie werd om witte mensen naar de herdenking te laten komen. Dat is een eerste stap in de verwerking. Mijn partner is joods en de joden herdenken elk jaar het feit dat ze ooit slaaf zijn geweest in Egypte. En dat doen ze wereldwijd, met een mooi ritueel: ze zitten aan een gedekt tafel en eten allerlei symbolische gerechten die verwijzen naar de slavernij tijd. Sommige gerechten zijn bitter als teken van de moeilijke tijd in het slavernij verleden en andere gerechten zijn zoet zijn, wat symbool staat voor de vrijheid. Kinderen mogen aanhangen en leunen, want ze zijn geen slaaf meer en mogen lui zijn aan tafel. Het bijzondere is dat ze met die kinderen praten aan tafel over wat vrijheid betekent voor hun en wat ze als ouders kunnen doen om zich optimaal vrij te voelen. Ik dacht: waarom hebben wij niet zo’n vrijheidstafel? Toen ben ik een dergelijke tafel gaan ontwikkelen. Wij hebben ook allerlei symbolische handelingen, waarbij we beginnen met een voorouder gebed, waarbij we onze voorouders eren. Daarna worden er tijdens het openingsritueel treurliederen gezongen door een koor en die treurliederen werden gezongen door onze voorouders toen ze op de plantages werkten – zo oud zijn die liederen. Als ze hoort, krijg je echt kippenvel. En daarnaast worden polsen met kokosolie ingesmeerd, als symbool voor het weg wrijven van de mogelijke pijn uit het verleden en in het heden. Tevens kauwen we op kwasi bita een bittere houtsoort dat symbool staat voor de bittere smaak uit het verleden. Drie vragen die tijdens de keti koti dialoog altijd terug komen zijn:

‘Wat maakt je (1) bijzonder, (2) anders en (3) kwetsbaar?’

Het belangrijkste is dat er steeds 50% wit en 50% zwart aanwezig is bij die bijeenkomsten. Waarom? Ik wil dat er gesprek ontstaat en het elkaar in de ogen aankijken, weten wie de ander is en weten wat de dagelijkse ervaringen van de ander zijn – vind ik erg belangrijk om mogelijk te maken. Want als je het een keer gehoord hebt, is het persoonlijk geworden en gebeurd er iets bij jezelf.’

Waarom past Keti Koti in de Nederlandse samenleving?
‘Mooie vraag. Omdat het een onbesproken geschiedenis bespreekbaar maakt – tussen zwart en wit. Nederland lijkt hier ook behoefte aan te hebben, want op dit moment wordt het gesprek over dit onderwerp gevoerd op kleuterniveau: ’Ik ben niet racistisch.’ of ‘ik ben kleurenblind’ dit soort opmerkingen…die kunnen mij zo opwinden, omdat het niet om jou gaat. Ik heb er niks aan dat jij aan mij wil laten weten dat we allemaal aan elkaar gelijk zijn. Want in de praktijk blijkt dat niet zo te zijn – en jij negeert dat door te zeggen ‘ik zie geen kleur’. Dan denk ik: doe je ogen open en ga het adresseren, draag verantwoordelijkheid in je organisatie bijvoorbeeld – die 9 van de 10 keer helemaal witte organisaties zijn. Ik zit vaak met professionals die dat ook nota bene zeggen, waar de grap is dat ze claimen kleurenblind te zijn, maar hun hele organisatie is wit. Hoezo dan? Ik kan daar zo kwaad om worden. Want daarmee leggen ze zichzelf erbij neer dat zij er niets aan hoeven te doen om iets te veranderen. Want ‘ik ben ongemarkeerd’, dat is het mooie woord wat Gloria Wekker gebruikt, ‘ik ben onschuldig’, ‘aan mij ligt het niet’ en dus wordt doorgaans de conclusie getrokken dat er niets aan de hand is en er niets hoeft te gebeuren. Dat is eigenlijk wat ze daarmee zeggen…’

‘Bewust worden van je eigen geschiedenis en verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van die geschiedenis.’

         ‘Kijk, natuurlijk hebben de Europeanen in het algemeen, en de witte Nederlanders in het bijzonder, totaal geen belang bij om terug te kijken naar het verleden. Ik ken een man die bij Clingendael had gewerkt en nu bij de UN en hij vertelde me dat hij heel veel haat tegenkomt in Azië en Afrika tegen de Europeanen. Ik denk dat dit alles te maken heeft met hetgeen dat zij veel negatiefs hebben aan gericht in die landen waar de haat tegen Europeanen is. Kijk, ik ben geen wetenschapper – maar dat hoef je niet te zijn om te beseffen dat bijvoorbeeld de problematiek in het Midden-Oosten en Afrika vaak te maken heeft met de grenzen die verlegd zijn door Europeanen. Dan heb ik het niet eens over uitbuiting, roofmoorden en het weghalen van grondstoffen voor eigen gewin zonder ervoor te betalen. De sporen van het huishouden van Europese mogendheden, waaronder van Nederland in verschillende continenten, laat vandaag de dag zijn sporen na voor wat betreft de ontwikkeling van die landen, etnische spanningen en armoede. ‘

Dit zijn hele grote vraagstukken – maar wat kan de normale sterveling hiermee, ongeacht kleur?
‘Allereerst bewust worden van je eigen geschiedenis. Dat is echt belangrijk. En verder verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van die geschiedenis en te beseffen dat de koloniale en slavernij geschiedenis o.a. de oorzaak is van het feit dat, tot de dag van vandaag, er hierdoor mensen op een achterstand zet. Vanuit elke positie die witte mensen innemen in de samenleving – of dat nou bij een Shell of bij Vodafone of een buurthuis zouden ze standaard – een extra oog moeten hebben voor de wijze waarop zij hun positie als witte Nederlander optimaal kan inzetten voor het bewerkstelligen van een inhaalslag die veroorzaakt is door een decennialange achterstelling.

‘Mijn schoonzusje is ook Surinaams, dus ik kan niet racistisch zijn’

Wat zeg ik? Ik bedoel eeuwen! En dat gebeurt gewoon niet op het moment. Althans, niet genoeg. In antwoord op de vraag wat de gewone mens kan doen, is mijn antwoord: inclusief werken, denken, ademen en net die extra inspanning leveren die nodig is om iets voor elkaar te krijgen. En niet zeggen van ‘nah ik heb het geprobeerd en ik geef het op’ of ‘het heeft geen zin om het te proberen, want onze organisatie is veel te bureaucratisch’. Kijk, het diversiteitsbeleid is in Nederland al vanaf 1985 van kracht. Nergens is het gelukt. Alle organisaties zijn nog steeds wit. Weet je hóeveel geld eraan besteed is?! Ja, sorry…ik raak er nu nog steeds door verontwaardigd. Dan denk ik: fuck diversiteit! Het moet anders! Het kan niet meer zo door gaan. Zolang er een disbalans is van het personeel, breed en binnen allerlei instituties, moeten er affirmative action programma’s ontwikkeld worden om de achterstand weg te nemen. Ik snap niet waarom deze discussie niet breed gevoerd wordt.’

Waar denk je dat het aan ligt?
‘Omdat we onze mond tot nu toe niet zo op deze manier hebben geopend. Ik heb laatst op de Reinwardt Academie een UNESCO-lezing gehad met 100 man – allemaal geblabla over ‘diversiteit, we krijgen het niet voor elkaar want we kunnen ze niet vinden.’ Ik heb uiteindelijk een verhaal gehouden over wat het betekent om wit te zijn. En nu pas voel ik mij dankzij Prof. dr. Gloria Wekker haar nieuwste publicatie White Innocence – voor het eerst empowerd genoeg om het een keer eens over wit te hebben. Prof. Wekker heeft de identiteit van de witte Nederlanders wetenschappelijk onderzocht, en de uitkomsten zijn onderbouwd, er zijn nieuwe sociologische termen, er is idioom waardoor het narratief wordt verruimd. Ik kan witte mensen nu beter beschrijven, bijvoorbeeld het flatterende zelfbeeld dat ze hebben en het feit dat ze niet in staat zijn om zichzelf te beschrijven – ze kennen zichzelf niet…Mijn beginvraag bij de lezing was: ‘wie heeft weleens nagedacht om wit te zijn?’. Heel voorzichtig gingen er wat handjes omhoog. Toen heb ik verteld over het onderzoek van Gloria Wekker en met name over wit als een locatie van macht en wit als norm. Maar wat ik dan terug kreeg waren klassieke verhalen ‘mijn schoonzusje is ook Surinaams, dus ik kan niet racistisch zijn’,je bent zelf racistisch, want je begint er zelf steeds over’ of weer het ‘ik ben kleurenblind’ verhaal. Dit is het niveau van het gesprek…Toen begon iemand te vertellen dat de Polen ook gediscrimineerd worden. Mijn reactie hierop is nu heel simpel: als mensen niet gaan lezen wat ik heb gelezen, dan wil ik verder niet in gesprek. Ga je eerst verdiepen, ik weiger op iemands eigen emotionele kompas te gaan varen over wat rechtvaardig en wat niet rechtvaardig is. We gaan dit vanaf nu doen op basis van literatuur en onderzoek…’

         ‘Kijk, het is belangrijk dat we meer uitgesproken reageren. We hoeven niet fel te zijn, het is zelfs beter om dat niet te zijn, maar wel om het andere verhaal nu te gaan vertellen – zo onderbouwd mogelijk. Om terug te komen om die lezing: uiteindelijk heeft zo’n dag opgeleverd dat er na de zomer colleges over white privilege worden gegeven. Er was ook een tentoonstelling maker die opperde om een tentoonstelling te maken over wit.’

Dan is er een tentoonstelling en een college geweest: dan kan ik me ergens voorstellen dat het voor een deel een elitaire bedoeling wordt. Iemand die geen affiniteit heeft met studeren of met kunst, bereik je dan niet. Kortom, als we teruggaan naar die normale sterveling: hoe wordt die bereikt?
‘Ik had bij de 24 uur durende dialoog estafette een openings dialoog door Sylvana Simons en de directeur van de Sire campagne. Ik ga zeker nog na bellen omdat ik denk dat de Sire campagne de subtiele vorm van racisme kunnen adresseren. Er is al wel een campagne actief, de spotjes daarvan, op de radio bijvoorbeeld, hebben mij ook aan het denken gezet – ze zitten goed in elkaar. Ik ben voor meer van dat soort initiatieven en voorlichting. Maar ook niet te vergeten: de mensen die voor de klas staan natuurlijk.’

Sylvana Simmons heeft als doel om het onderwijs te dekoloniseren; hoe trek jij die lijn door?
‘Soms zijn docenten zijn niet alleen onwetend, maar ook ronduit racistisch en dat is erg verontrustend. Neem het verhaal van een van mijn dochters die op een mbo-opleiding werkte. Zij maakte van dichtbij mee dat er tijdens een vergadering een agendapunt steeds terugkwam om Nederlandse Marokkanen die zich hadden aangemeld voor de opleiding eruit te vissen en hen op een wachtlijst te plaatsen. Het doel hierachter was om dan te wachten tot er meer witte Nederlanders waren om vervolgens tegen de Marokkanen op de wachtlijst te zeggen dat de opleiding vol zat. Tijdens een vergadering…’

Hoe waren de Keti Koti dialogen dit jaar?
‘Even wat context: je hebt de keti koti dialoogtafel, je hebt het festival en de herdenking. De herdenking en het festival die worden door het Nederlands Instituut Afschaffing Slavernijverleden georganiseerd. Wat daarbij ernstig is, is dat de subsidie is stopgezet voor de herdenking – vanuit het Rijk. Kun je je dat voorstellen…? Dat je gewoon een herdenking weg subsidieert…Om even een parallel te trekken: het 4 en 5 mei comité heeft 7.5 miljoen euro aan subsidie en 3000 monumenten over heel Nederland. De Surinaamse gemeenschap heeft iets van 3 monumenten en krijgt nu alleen nog een bescheiden subsidie van de gemeente Amsterdam…’

         ‘De Keti Koti dialoogtafel en de 24 uur durende dialoog estafette waren dit jaar echt intenser en diepgaander. We hebben dit jaar tijdens de keti koti dialoog tafel een zwarte en een witte deelnemers tegenover elkaar in een dialoog van een uur lang geplaatst. De koppels hebben veel persoonlijke ervaringen met elkaar gedeeld en hebben zoals we hadden gehoopt ook veel voor betekent.  Voor de 24 uur durende dialoog estafette was de animo om mee te doen erg groot. Iedereen was zenuwachtig om te komen. Ik ben vooraf vaak gebeld met de vraag waar het dialoog over zal gaan; vooraf wisten de deelnemers niet van elkaar met wie ze een dialoog zouden voeren. De deelnemers waren erg serieus en sommige witte mensen lieten weten dat ze zich hebben ingelezen. Er waren een aantal die werkelijk alles hebben gelezen wat er te lezen valt om te weten over welke gezamenlijke geschiedenis we praten. De bijkomstigheid was dat ze hierdoor erachter kwamen dat ze helemaal niks wisten van ons verleden. Andere mensen hebben artikelen geschreven over hun ervaringen aan de keti koti tafel. Voor mij was het een nieuwe persoonlijke ontwikkeling, omdat we systematisch tijdens de keti koti dialoog estafette hebben gesproken   over wat het betekent om wit te zijn. Voorheen probeerde ik dit thema namelijk voorzichtig te behandelen, want ik wilde geen witte mensen tegen me in het harnas krijgen – omdat ik bang was ze anders kwijt te raken. Maar nu met Gloria Wekker en Sylvana all over the place, kon ik met citaten gaan werken. Een van de vragen die ik elke keer behandelde was gebaseerd op Wekker’s citaat:

‘Het kan niet zo zijn dat 400 jaar slavernij en koloniaal verleden geen sporen heeft nagelaten in hoe u naar uzelf, de ander en de samenleving kijkt. Welke sporen zijn er in uw persoonlijke identiteit achter gebleven?’

Iedereen heeft er anders op gereageerd, maar ik vond het vooral verbazingwekkend dat white privilege niet naar boven kwam als eerste response. Mensen gingen zoeken en graven. Het was een zoektocht van wit naar zichzelf; van zwart naar zichzelf – om uiteindelijk te komen tot een soort gemeenschappelijk verhaal. Kijk, zo ver zijn we nog lang niet. Maar het was zeker een boeiende en leerzame exercitie voor iedereen.’

Welke reactie is jou het meest bijgebleven?
‘Er was een Antilliaanse kunstenaar en hij was toen hij 13 jaar was op Curaçao met een balk door een witte pater op het schoolplein afgeranseld. Bij elke klap die hij kreeg moesten de leerlingen applaudisseren. Hij is daar weg gestrompeld en is nooit meer naar school gegaan. Hij is inmiddels iets van 65 en hij heeft dit verhaal altijd aan iedereen op een rationele manier verteld, om mensen bewust te maken van het Nederlandse koloniale verleden op Curaçao. Het is een deel van zijn zijn geworden; hij is uiteindelijk kunstenaar geworden. Toen hij dit vertelde aan tijdens de 24 uur durende keti koti dialoog estafette en zijn polsen met kokosolie werden ingesmeerd door zijn dialoog partner, raakte hij helemaal geëmotioneerd en kon hij ook niet meer goed praten en ademen. Uit het niets kwam er overal vocht uit: uit zijn mond, zijn neus, zijn ogen…Het was een soort uitbarsting. Hij vertelde later dat het delen van zijn verhaal en het kokosolie ritueel een laxerende werking op hem heeft gehad; dat hij voor het eerst voelde dat het van zijn hart af was.’

Mercedes haalt haar iPad tevoorschijn en toont foto’s van Keti Koti lunch:

Screen Shot 2016-08-07 at 16.04.25

Kijk, hier ben ik echt trots op. Ik ben dan wel een activist en boos en zo, maar wat ik uiteindelijk wil is deze verbinding tussen mensen.’

Terwijl ze nog glundert van trots van de foto’s die ze toonde, pakt ze evaluaties van de deelnemers erbij. Een reactie die ze deelde was een antwoord op de vraag wat er vreemd, raar, ingewikkeld of gecompliceerd was: ‘Ik vind het ingewikkeld om mezelf te moeten definiëren als zijnde wit, zonder alle consequenties te kunnen overzien.’

Qua toekomstmuziek heb je genoemd dat bewustwording, kennis over eigen geschiedenis en inclusiviteit essentieel zijn. Welke groepen of netwerken zijn onmisbaar?
‘Ik ben eerlijk gezegd met me, myself and I begonnen. Ik heb gemerkt dat er veel mensen alleen begonnen zijn. Allemaal eilandjes. Qua organisaties denk ik Nederland Wordt Beter, New Urban Collective, University of Color en natuurlijk Keti Koti dialoog tafel. Als we het hebben over een netwerk vind ik het ook belangrijk om witte bondgenoten aan te trekken…Waarom wit? Zij kunnen in hun gemeenschap uitleggen wat racisme en white privilege is – van ons wordt het niet altijd even serieus genomen. Met een zekere aarzeling stuur ik weliswaar artikelen door van bewuste witte bondgenoten uit de US die over hun white privilege schrijven. Ik hield het lang voor mezelf, dan las ik het en voelde ik mij in  alles bevestigd door de schrijver en toch stuurde ik het nooit door. Maar ik wil het nu meer richting wit doorsturen, om op die manier een zaadje te kunnen planten qua bewustwording bij wit.’

Van welk Nederland droom je?
‘Dan droom ik van een sitcom, die helemaal multicultureel is, waarin een Jood met een Arabisch meisje is getrouwd en een Surinamer met een witte Nederlander en alle toestanden die dat met zich mee brengt. In plaats van de eenheidsworst die we telkens voorgespiegeld krijgen. Verder droom ik van scholen die gemengd zijn – geen zwarte en witte scholen meer. Dat kinderen van jongs af aan bij elkaar over de vloer komen en kennis mee krijgen van de iftar en het kerstfeest. Dat Nederland bestuurd wordt door de afspiegeling van de samenleving – in alle lagen. Dat we een keer een zwarte minister krijgen. Dat soort dingen. Ik hoop dat ik dat mee mag maken.’

Denk je dat je dat mee gaat maken?
‘Met Sylvana in aantocht [lacht]. Ik vind wat dat betreft dat de Nederlandse Marokkanen het veel beter doen. Gister was ik bij de Iftar van de politie: 1400 mensen! Echt geweldig! De Marokkaanse gemeenschap heeft een sterk netwerk en werken goed samen. Toen er ‘minder, minder, minder’ werd gescandeerd, zaten een paar dagen later vijftien prominente Marokkaanse Nederlanders bij Rutte…[zucht] Wij zijn nog steeds niet bij Rutte geweest over Zwarte Piet! Maar goed, tegelijkertijd is het beleid dat na de moord op Theo van Gogh de Nederlandse overheid de voelsprieten uit zet om radicalisering te voorkomen. Op deze manier wordt er voeding en feeling gehouden met wat er in de Marokkaanse gemeenschap speelt. Hoe dan ook denk ik dat we echt veel van elkaar kunnen leren en samen kunnen optrekken. Daarom ben ik ook zo blij met dit interview met jou als Nederlands Marokkaanse. Ik ben er echt trots op dat Brown, Brainy & Beautiful dit zwarte verhaal wilt opschrijven en delen, omdat het ook mogelijkheden biedt om samen de handen ineen te slaan tegen racisme. ‘

Dank aan Mercedes Zandwijken.
Hier te volgen op social media. 

© Brown, Brainy & Beautiful, 2016